Het pensioenakkoord: het begin is er

25 juni 2019
Artikel

Met het akkoord van de vakbonden staat na jaren van onderhandelen het stoplicht op groen om de vernieuwing van het pensioenstelsel verder uit te werken. En er is nog veel uit te werken, want meer dan een raamwerk is het principeakkoord niet. Vanuit de overheid is een handreiking gedaan op het gebied van de Algemene Ouderdomswet (AOW) en boeteloze pensioenvervroeging. De vakbonden en werkgevers zijn op hun beurt bereid om de doorsneepremie af te schaffen en een degressieve pensioenopbouw te accepteren. Maar wat betekent dit nu eigenlijk in de praktijk?

Portretfoto van Astrid Ridderhof
Geschreven door:
Astrid Ridderhof Senior pensioenadviseur
Het pensioenakkoord: het begin is er

Doorsneepremie

In het bestaande pensioensysteem bouwen werknemers van ongelijke leeftijd en met hetzelfde salaris hetzelfde pensioen op. Voor een jongere is de reële premie dan lager dan de benodigde premie voor een oudere. Maar bij de meeste pensioenfondsen wordt de pensioenopbouw gefinancierd met een doorsneepremie: een gelijk percentage van de pensioengrondslag voor alle aangesloten werkgevers. Dit premiepercentage wordt bepaald aan de hand van de totale premie en kosten en de som van alle pensioengrondslagen.

Pensioenpremie

Voor een jongere wordt dus dezelfde premie afgedragen als voor een oudere, maar deze premie wordt niet volledig voor de persoonlijke pensioenopbouw gebruikt. Hier komt ook de opmerking dat ‘de jongeren voor de ouderen betalen’ vandaan. En dat wordt met het afschaffen van de doorsneepremie aangepast.

Degressieve pensioenopbouw

De gelijkblijvende premie wordt in het pensioenakkoord gehandhaafd en dit wordt ook de toezegging aan de werknemer. De uiteindelijke pensioenuitkering wordt onder meer bepaald door de hoogte van de premie, en het rendement hierop. De hoogte van het pensioen wordt daardoor onzeker. De gelijkblijvende premie wordt niet meer over de pensioenopbouw van jong en oud verdeeld. De premie die betaald wordt voor een werknemer moet nu aan zijn persoonlijke pensioenopbouw ten goede komen. Voor een oudere werknemer zal dit resulteren in een lagere pensioenopbouw. Dit noemt men degressieve pensioenopbouw. 

Pensioenopbouw

De combinatie van het loslaten van de doorsneepremie en het invoeren van de degressieve pensioenopbouw zorgt ervoor dat de betaalde premie gelijk zal zijn aan de feitelijke kostprijs. Het pensioenstelsel wordt duurzaam, doordat de garantie van het pensioeninkomen wordt losgelaten. Ook wordt het stelsel eerlijker, omdat de jongeren niet meer aan het pensioen van de ouderen hoeven mee te betalen.

Overgangsregelingen

Door deze wijzigingen gaan sommige werknemers erop vooruit, andere werknemers gaan erop achteruit. In de leeftijdscategorie van 40 tot 55 jaar wordt de meeste achteruitgang verwacht. Zij werden in het oude systeem immers gesubsidieerd door de jongeren! Per pensioenfonds zal de impact verschillend zijn, want eventuele compensatie van deze groep oudere werknemers zal ergens uit gefinancierd moeten worden. Bij pensioenfondsen kan dit gefinancierd worden uit bestaande buffers of door een tijdelijke handhaving van een hogere premie dan de feitelijk benodigde premie. Bij verzekerde beschikbare premieregelingen is dit niet mogelijk. Hier kan de wijziging van het pensioenstelsel van een premiestaffel naar een gelijk premiepercentage voor alle werknemers grote financiële gevolgen voor de werkgever betekenen. In een volgend artikel gaan we hier verder op in.

Wilt u meer weten over dit onderwerp? Onze specialist helpt u graag verder!

E-mail Astrid
Aanmelden e-mailnieuwsbrief

Aanmelden nieuwsbrief

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws en ontwikkelingen via onze maandelijkse e-mailnieuwsbrief
Meld u direct aan
Stroomschema downloaden

Kies in vijf stappen de juiste pensioenregeling

Doorloop de stappen om de juiste pensioenregeling te selecteren
Download het stappenplan