De gevolgen van een eigen woning voor uw belastbaar inkomen

18 januari 2023
Artikel

Indien u eigenaar bent van een woning in uw privébezit, dan heeft dit gevolgen voor de hoogte van uw belastbaar inkomen. Enerzijds wordt er over de WOZ-waarde van uw woning een bijtelling berekend die tot het inkomen in Box 1 behoort en anderzijds heeft u mogelijk een aftrekpost voor kosten, zoals de rente over de eigenwoninglening. Hoe werkt dit en wat zijn de verschillen tussen de wetgeving in 2022 en 2023? 

Portretfoto van Bert van den Kerkhof
Neem contact op met:
Bert van den Kerkhof Hoofd vaktechniek Belastingadvies
Ontwikkelingen in de eigenwoningregeling

Eigenwoningforfait 

Het woongenot dat de eigenaar van een woning heeft, wordt gezien als inkomsten vanuit de eigen woning. Deze inkomsten worden belast tegen het progressieve tarief in box 1. 
Het eigenwoningforfait wordt berekend over de WOZ-waarde van de woning. Met ingang van 2023 wordt het percentage van het eigenwoningforfait voor woningen tot € 1.200.000 met 0,10% verlaagd ten opzichte van 2022. Voor de waarde boven dit bedrag wordt de bijtelling € 4.200 en 2,35% over het meerdere. Aangezien de WOZ-waarde van woonhuizen voor 2023 stijgt in vergelijking met 2022, verschilt de hoogte van de bijtelling op basis van het eigenwoningforfait in deze jaren niet veel.

Het eigenwoningforfait wordt toegerekend aan de inkomsten in box 1: het belastbaar inkomen uit werk en woning. Deze inkomsten worden progressief belast. Het hoogste belastingtarief (vanaf ongeveer € 68.000) bedraagt zowel in 2022 als in 2023 49,50%.

Aftrekbare kosten eigen woning en daling tarief 

In het verleden gold voor de kosten die in aftrek mogen worden gebracht hetzelfde tarief als het tarief dat geldt voor het belastbaar inkomen. In de afgelopen jaren is het aftrektarief al gematigd. In 2022 kunnen de kosten voor maximaal 40% in aftrek worden gebracht. In 2023 daalt dit aftrektarief naar 37,05%. Dit percentage is op dat moment gelijk aan het tarief in de laagste belastingschijf.

Optimaliseren belastbaar inkomen uit woning in de aangifte inkomstenbelasting

Fiscale partners kunnen de inkomsten uit eigen woning vrij toedelen. Het gaat hierbij om het saldo van inkomsten (het eigenwoningforfait) en de aftrekbare kosten. Dit zal in de regel een negatief bedrag zijn. In voorgaande jaren was het voordelig de aftrekbare kosten in rekening te brengen bij de partner met het hoogste inkomen. Dit leidde immers tot de hoogste aftrek. 

Vanaf 2023 maakt het nauwelijks verschil meer uit waar de aftrek plaatsvindt. 

Hillen-aftrek

Bij een lager bedrag aan aftrekbare rente dan de bijtelling op basis van het eigenwoningforfait werd het saldo tot 2019 volledig geneutraliseerd door een wettelijke regeling, waardoor het inkomen uit eigen woning per saldo op nihil uitkwam. Op deze wijze wilde de overheid de aflossing van eigen woningleningen stimuleren. Doordat deze regeling is voortgekomen uit een initiatiefwetsontwerp van oud-Tweede Kamerlid Hillen wordt dit ook wel het ‘Hillen-voordeel’ genoemd. Nu de wetgeving met betrekking tot de renteaftrek op eigen woningleningen in 2012 is gewijzigd, heeft de wetgever gemeend deze regeling in de komende 30 jaar af te bouwen.

Vanaf 2019 wordt dit voordeel in 30 jaar afgebouwd met jaarlijks 3 1/3%. In 2022 is de Hillen-aftrek 86,67% en in 2023 daalt het percentage naar 83,33%. Dit houdt in dat als het eigenwoningforfait hoger is dan uw aftrekbare kosten, u vanaf 2019 jaarlijks over een groter aandeel belasting moet betalen.

Jaarlijkse optimalisatie tussen fiscale partners

De tarieven en percentages om het belastbaar inkomen uit eigen woning en de kostenaftrek te berekenen, moeten ieder jaar worden berekend. Het is daarbij van belang om elk jaar bij de aangifte inkomstenbelasting te beoordelen wat de optimale verdeling is tussen fiscale partners. Bijzondere aandacht wordt gevraagd voor fiscale partners die ervoor kiezen om niet op hetzelfde adres te wonen. Voor deze partners wordt maar één woning als eigen woning aangemerkt. Of u als fiscale partner wordt aangemerkt, is in de wet bepaald. Uitzondering geldt voor partners die hun verzoek tot echtscheiding dan wel een verzoek om ontbinding van een geregistreerd partnerschap hebben ingediend en niet op hetzelfde adres wonen. Uiteraard kan uw adviseur u van persoonlijk advies voorzien. 

Meer weten?

Wilt u meer informatie over de eigenwoninglening in familieverband? Neem contact op met Bert van den Kerkhof, hoofd vaktechniek Belastingadviesvia het contactformulier.

Wilt u meer weten over dit onderwerp? Onze specialist helpt u graag verder!

E-mail Bert
Aanmelden nieuwsbrief

Aanmelden nieuwsbrief

Altijd op de hoogte van het laatste nieuws
Meld u direct aan
Volg ABAB op Facebook

Volg ABAB op Facebook

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws via onze Facebookpagina
Volg ons nu