Lijfrente in de bv: zo zit het en dit zijn de voor- en nadelen

18 mei 2022
Artikel

Veel dga’s hebben een lijfrente bij de eigen bv. Het uitkeren van lijfrente vanuit uw eigen bv heeft een aantal voordelen, maar ook nadelen. Daarover leest u in dit artikel. En over de mogelijkheden om de lijfrente uit uw bv te halen en de bv op te heffen.

Portretfoto Frank Kuijpers
Neem contact op met:
Frank Kuijpers Financieel planner
Spaarpot

Uitkeringen door de bv: zo zit het

Veel lijfrenten zijn in een ver verleden gesloten. Toch komt er een moment dat uw bv daadwerkelijk uitkeringen moet gaan doen. Volgens de fiscale regels moeten die uitkeringen uiterlijk vijf jaar na uw AOW-leeftijd ingaan. Het kan voorkomen dat uw bedrijf zelf dan al is verkocht, overgedragen of gestopt. Hopelijk blijft u als dga dan wél achter met een goed gevulde ‘pensioen’ bv.

Uw bv kan de (levenslange) uitkeringen aan u verzorgen. Het nadeel is wel dat u als dga (levenslang) aan de bv ‘vastzit’. En de ervaring leert, dat dit vroeg of laat als een last wordt ervaren. Zeker als u ouder wordt, kan de structuur lastiger te overzien zijn. Waarschijnlijk komt dan ook de vraag op: “Kan ik niet van mijn bv af?”.

Lijfrente uit de bv halen: de mogelijkheden

Het is fiscaal toegestaan om de lijfrente vanuit uw eigen bv over te hevelen naar een andere aanbieder. Bijvoorbeeld een bankspaarproduct bij een bank of een lijfrente bij een verzekeraar. Daarbij geldt de voorwaarde, dat uw bv de waarde van alle toekomstige uitkeringen daadwerkelijk in geld afstort. Met uw bank of verzekeraar spreekt u af op welke manier zij de lijfrente uitkeren. Binnen de fiscale spelregels blijkt er vaak genoeg mogelijk!

Soms komt het voor, dat de bv niet voldoende middelen heeft om de hele waarde van de lijfrente af te storten. De Belastingdienst gaat dan meestal toch akkoord met het afstorten van de lijfrente. Zij stellen dan wél als voorwaarde dat uw bv al het nog aanwezige vermogen gebruikt voor afstorting van de lijfrente. Ook moet u uw bv vervolgens opheffen (liquideren).

Een voorbeeld: lijfrente uit de bv

Peter is 72 jaar en ontvangt sinds een paar jaar een lijfrente-uitkering van zijn bv. De uitkering is € 15.000 per jaar en is levenslang. Het benodigde geld voor alle toekomstige uitkeringen (de lijfrentevoorziening) is actuarieel berekend op € 200.000. De bv heeft alleen nog € 100.000 op de bankrekening en een vordering op Peter van € 20.000.

Peter lost zijn schuld aan de bv af. Vervolgens stort de bv € 120.000 af naar een bankspaarproduct. Met de bank spreekt Peter af, dat hij nog zes jaar een uitkering van € 20.000 per jaar ontvangt. Na de afstorting kan de bv worden opgeheven. Omdat de bv alle middelen heeft afgestort valt het verschil tussen de € 200.000 lijfrentevoorziening en de daadwerkelijke afstorting van € 120.000 onbelast vrij.

Dit zijn de voor- en nadelen

Het grootste voordeel van het afstorten van de lijfrente en het opheffen van de bv is de administratieve vereenvoudiging. Na afstorting regelt de bank de uitkeringen, daar heeft u geen omkijken meer naar. Daarnaast hoeft de bv na opheffing geen jaarrekening meer te maken of aangiften te doen.

Het grootste nadeel is dat het geld daadwerkelijk afgestort moet worden. Dat kunt u overigens óók als een voordeel zien: het staat dan immers gereserveerd voor uw pensioen!

Meer weten?

Vraagt u zich af of u ook de mogelijkheid heeft om uw bv op te heffen? Wilt u weten wat in uw persoonlijke situatie de voor- en nadelen zijn? Onze financieel planners bekijken samen met u graag de mogelijkheden.  Neem voor meer informatie of advies contact op met Frank Kuijpers, financieel planner, via 06-13058917 of stuur Frank een mail.

Wilt u meer weten over financiële planning? Onze specialist helpt u graag verder!

E-mail Frank
Aanmelden nieuwsbrief

Aanmelden nieuwsbrief

Altijd op de hoogte van het laatste nieuws
Meld u direct aan