Tussenuitspraak CRvB bevallingsuitkering voor zwangere zelfstandigen

1 augustus 2017

Op 27 juli 2017 heeft de Centrale Raad van Beroep (CRvB) besloten dat zelfstandig werkende vrouwen die tussen 1 augustus 2004 en 4 juni 2008 een kind hebben gekregen, alsnog een uitkering moeten ontvangen voor de zestien weken rond de bevalling.

Portretfoto Sophia Vos
geschreven door:
Sophia Vos Belastingadviseur
Ondertekening van uitspraak CRvB

Geen regeling

Tot 1 augustus 2004 hadden zwangere zelfstandigen recht op een zwangerschapsuitkering. Na vier jaar is ter bescherming van moeder en kind opnieuw een dergelijke regeling ingevoerd, maar zonder terugwerkende kracht. In de periode tussen 1 augustus 2004 en 4 juni 2008 was er dus geen regeling voor een vergoeding voor zwangere zelfstandigen.

Een aantal zelfstandige vrouwen die in deze periode een kind hebben gekregen, hebben destijds een vergoeding aangevraagd bij het UWV. Het verzoek om een uitkering werd echter afgewezen, omdat er op dat moment geen wettelijke regeling bestond voor deze groep vrouwen.

In de uitspraak van Rechtbank Midden-Nederland op 26 september 2016 heeft de rechter geoordeeld dat zwangere zelfstandigen in de periode tussen 2004 en 2008 alsnog recht hebben op een zwangerschapsuitkering.

UWV moet zorgen voor passende compensatie

Het UWV is tegen de uitspraak van Rechtbank Midden-Nederland in beroep gegaan. Op 27 juli 2017 heeft het CRvB een tussenuitspraak gedaan. Het CRvB stelde de vrouwelijke zelfstandigen die in de periode tussen 2004 en 2008 zijn bevallen in het gelijk. De vrouwen hebben destijds geen zwangerschaps- en bevallingsuitkering gekregen en dat is in strijd met het VN-Vrouwenverdrag. Het UWV moet nu zorgen voor een passende compensatie. Deze compensatie hoeft niet per se in de vorm van een uitkering op grond van de wetgeving van vóór 1 augustus 2004 of vanaf 4 juni 2008. De compensatie moet wel voldoen aan de eisen die blijken uit het VN-Vrouwenverdrag.

En wat nu?

Het UWV krijgt nu zestien weken de tijd om te bepalen wat voor vergoeding de vrouwen, die in bezwaar zijn gegaan, kunnen krijgen. Na deze periode zal de CRvB de zaak opnieuw beoordelen en een definitieve uitspraak doen. Dit betekent concreet dat het UWV pas vanaf dat moment zal communiceren wat dit voor de vrouwen in kwestie betekent.

Ook zal dan duidelijk worden hoe het verdere proces gaat verlopen en of andere zelfstandige vrouwen, die in de periode tussen 1 augustus 2004 en 4 juni 2008 zwanger waren, een aanvraag kunnen doen om in aanmerking te komen voor een uitkering of soortgelijke vergoeding.

Wilt u meer weten over de uitspraak van de CRvb en eventuele te nemen toekomstige acties? Onze specialist helpt u graag verder!

Mail Sophia
Aanmelden e-mailnieuwsbrief

Aanmelden nieuwsbrief

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws en ontwikkelingen via onze maandelijkse e-mailnieuwsbrief
Meld u direct aan