Aanscherping renteaftrekbeperking vennootschapsbelasting

20 oktober 2016

De overheid scherpt de renteaftrekbeperkingen op leningen van verbonden lichamen en overnameschulden per 1 januari 2017 verder aan. Voor bepaalde bestaande situaties geldt geen uitzondering.

De artikelen 10a (winstdrainage) en 15ad (renten ter zake van overnames; aftrekbeperking) van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 (Wet Vpb) bevatten een aantal specifieke maatregelen om ongewenste vormen van grondslaguitholling door renteaftrek tegen te gaan.  

Portretfoto van Steven de Gram
geschreven door:
Steven de Gram Senior belastingadviseur
man rekent renteaftrek vennootschapsbelasting uit

De renteaftrekbeperking geldt wanneer er sprake is van:

  • een schuldverhouding met een verbonden lichaam of verbonden natuurlijk persoon; 
  • een ‘besmette rechtshandeling’ en; 
  • een causaal verband tussen de schuldverhouding en de besmette rechtshandeling.

De renteaftrek wordt beperkt tenzij de belastingplichtige tegenbewijs levert.

Verbondenheid en samenwerkende groep

Artikel 10a van de Wet Vpb rekt de definitie van het begrip ‘verbondenheid’ verder op. Er is vanaf 1 januari 2017 ook sprake van verbondenheid bij een ‘samenwerkende groep’. De wet geeft geen concrete wettelijke invulling van dit begrip. Of er sprake is van een samenwerkende groep, moet per geval individueel beoordeeld worden.

Een verbonden lichaam houdt in dat een lichaam meer dan 1/3 belang houdt in een ander lichaam. In de praktijk blijkt dat bedrijven overnamestructuren zo opzetten dat er geen sprake is van formele verbondenheid, terwijl verschillende investeerders als een samenwerkende groep optreden. Dan is er dus wel degelijk sprake van verbondenheid. Het gaat in zulke gevallen om een gecoördineerde investering die in totaal ten minste 1/3 belang vertegenwoordigt.

Overnameholdingbepaling

De overnameholdingbepaling moet voorkomen dat bovenmatige rente, verschuldigd vanwege de financiering van de overname, ten laste komt van de overgenomen vennootschap. Deze bepaling regelt dat de bovenmatige overnamerente niet in aftrek komt als de overnameholding zelfstandig niet genoeg winst maakt.

Het kabinet overweegt twee wijzigingen. De berekeningsmethodiek wordt aangescherpt als een overnameschuld door de overnameholding naar het niveau van de overgenomen rechtspersoon wordt verplaatst. Daarnaast is het voorstel de termijn van zeven jaar aan te scherpen. In deze periode moet de financiering worden afgebouwd van maximaal 60% van de verkrijgingsprijs naar maximaal 25% van de verkrijgingsprijs. Dit voorkomt dat de overgenomen rechtspersoon steeds onder een nieuwe holding terechtkomt, waardoor de termijn van zeven jaar voor de afbouw steeds opnieuw begint. Daarbij wil het kabinet geen uitzondering maken als een overnameholding op of na 1 januari 2017 in een nieuwe fiscale eenheid wordt gevoegd. Om zulke constructies te bestrijden, bepaalt de Wet VPB dat de rente over overnameschulden binnen bepaalde grenzen aftrekbaar is. 

Wilt u meer weten over vennootschapsbelasting? Onze specialist helpt u graag verder!

Mail Steven
Portretfoto van Steven de Gram
Senior belastingadviseur
Bel
024-6485840
Aanmelden e-mailnieuwsbrief

Aanmelden nieuwsbrief

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws en ontwikkelingen via onze maandelijkse e-mailnieuwsbrief
Meld u direct aan