Wat als u wettelijke voorschriften rondom adviesprocedure OR niet opvolgt?

29 september 2022
Artikel

De ondernemingsraad heeft adviesrecht als het aankomt op voorgenomen besluiten over onderwerpen benoemd in artikel 25 WOR. Wat als u over een van de voorgenomen besluiten geen advies aan de OR vraagt? Of het advies van de OR niet volgt en uw eigen voorgenomen besluit definitief maakt of uitvoert? Dit zijn de consequenties.

Portretfoto van Ralph Kops
Neem contact op met:
Ralph Kops Jurist arbeidsrecht en procesjurist
Gesprek aan tafel

Formele stappen ondernemingsraad

Als u een schriftelijk besluit neemt dat niet overeenstemt met het advies van de OR begint er voor u vanaf dat moment een opschortingstermijn te lopen. Dat wil zeggen dat u uw besluit gedurende een periode van een maand niet mag uitvoeren. Dat biedt de OR de mogelijkheid om al dan niet in beroep te gaan tegen dit besluit bij de Ondernemingskamer van het Gerechtshof Amsterdam. Als de OR informeel te weten komt van een besluit (of van een besluit dat afwijkt van het advies van de OR) dan begint die opschortingstermijn vanaf de kenbaarheid daarover te lopen. Uiteraard gaat de opschortingstermijn niet lopen op het moment dat de OR pas op een later moment de beschikking krijgt over belangrijke informatie.

De procedure

De beroepsprocedure begint met het indienen van een verzoekschrift bij de Ondernemingskamer van het Gerechtshof Amsterdam. Dat moet overigens door een advocaat worden gedaan. In het verzoekschrift geeft de OR aan om welk besluit het gaat, wat de bezwaren zijn en welke uitspraak de OR wenst van de Ondernemingskamer. Er kunnen in de procedure geen nieuwe feiten aangedragen worden, die buiten het OR-advies of het betreffende besluit liggen, tenzij de OR later pas met belangrijke feiten bekend raakt. Binnen zes tot acht weken vindt er een zitting plaats. Binnen 6 tot 8 weken daarna komt er een uitspraak.

Uitspraak

De Ondernemingskamer geeft in haar uitspraak niet aan of u als ondernemer inhoudelijk een correct besluit heeft genomen. De Ondernemingskamer geeft in haar uitspraak aan of het betreffende besluit, gelet op alle gevolgen, kennelijk onredelijk is of niet. Het besluit is sowieso kennelijk onredelijk als u de wettelijke voorschriften rondom de adviesprocedure niet of deels heeft gevolgd, het besluit door u niet afdoende is gemotiveerd, als er onvoldoende rekening is gehouden met de belangen van het personeel of u belangrijke informatie heeft achtergehouden. Grote waarde wordt ook toegekend aan het al dan niet zorgvuldig handelen van u als ondernemer. De Ondernemingskamer kan a) u verplichten het besluit (geheel of ten dele) in te trekken, b) u verplichten de gevolgen van het besluit (geheel of ten dele) ongedaan te maken, en c) u een verbod opleggen om het besluit (geheel of ten dele) uit te voeren. 

Voorlopige voorziening

Het kan zijn dat de OR bang is dat u het niet zo nauw neemt met de wettelijke voorschriften en dat u het besluit – ondanks of na de opschortingstermijn – uitvoert waardoor het besluit onomkeerbaar wordt. Voor die gevallen kan de OR een zogenoemde voorlopige voorziening vragen bij de Ondernemingskamer. De OR verzoekt de Ondernemingskamer dan u te verbieden het besluit uit te voeren zolang de bodemprocedure bij de Ondernemingskamer loopt.

Meer informatie of advies?

Mocht u vragen hebben op het gebied van arbeids- of medezeggenschapsrecht, dan kunt u vrijblijvend contact opnemen met Ralph Kops, jurist arbeidsrecht en procesjurist, via telefoonnummer 076-5438060 of stuur Ralph een e-mail.

Wilt u meer weten over het adviesrecht van de OR? Onze jurist helpt u graag verder!

E-mail Ralph
Portretfoto van Ralph Kops
Jurist arbeidsrecht en procesjurist
Bel
013-4647180