Uitspraak rechter: coronacrisis reden voor aanpassen huurovereenkomst

29 januari 2021
Artikel

Twee horecagelegenheden in Den Haag hoeven over de periode van de lockdown maar de helft van hun huur te betalen. In de periode dat zij beperkt open mochten, moeten zij 75% van de huur betalen. Dat heeft de kantonrechter in Den Haag deze week besloten. Dit is de eerste keer dat de rechter zich in een bodemprocedure over deze discussie uitlaat. Eerdere uitspraken waren in kort geding, waarbij de rechter een voorlopig, maar wel bindend oordeel velt.   

portretfoto Jorrit Morra
Neem contact op met:
Jorrit Morra Jurist ondernemingsrecht
Uitspraak rechter: huurders en verhuurders van horecazaken moeten schade delen

Vanwege hun omzetverlies door de coronacrisis hadden twee horecaondernemers in Den Haag hun verhuurder verzocht om een tijdelijke vrijstelling van het betalen van de huur of tijdelijke verlaging van de huur. De verhuurder ging hiermee niet akkoord en vorderde bij de rechter ontbinding van de huurovereenkomst en betaling van de huurachterstand.    

Onvoorziene omstandigheden?

De belangrijkste vraag die in de procedure centraal stond, is de vraag of de coronacrisis en de bijbehorende maatregelen zijn aan te merken als onvoorziene omstandigheden. De rechter oordeelt dat de omstandigheden van de coronacrisis zo buitengewoon zijn dat deze als buitengewone omstandigheid moeten worden aangemerkt. Bovendien hadden partijen bij het aangaan van de huurovereenkomst niet kunnen voorzien dat een dergelijke extreme situatie zich zou voordoen.

Pijn delen

De rechter vindt het daarom niet redelijk om de huurovereenkomst ongewijzigd in stand te laten. Omdat beide partijen geen verwijt kan worden gemaakt voor de ontstane situatie, moet de pijn verdeeld worden. Hierbij is relevant dat de huurders een aanzienlijk omzetverlies lijden en de geboden overheidssteun onvoldoende is om het hoofd boven water te houden.

De rechter beslist uiteindelijk dat de gevolgen van de crisis gelijk moeten worden verdeeld over de periode dat de horeca gesloten is door de overheidsmaatregelen. De huurders hoeven dus maar 50% van de huur te betalen. Over de periode tussen de eerste en tweede lockdown, waarin de horeca met beperkende regels open mocht, moeten de huurders 75% van de huur betalen.

Een gezamenlijke oplossing

De rechter heeft in deze zaak besloten dat de coronacrisis een onvoorziene omstandigheid is. Daardoor moeten de huurders en verhuurder de gevolgen daarvan gezamenlijk dragen. Andere huurders van horecagelegenheden en winkelruimte kunnen deze uitspraak gebruiken om de dialoog met hun verhuurder aan te gaan. Stop echter nooit zonder overleg met het betalen van de huur. Zoek samen een oplossing waarin beide partijen zich kunnen vinden. Leg gemaakte afspraken schriftelijk vast.

Meer weten?

Komt u er niet uit? Dan kunt u overwegen om een procedure aan te spannen. Wenst u verder advies of hulp hierbij? De juristen van ABAB Legal helpen u graag verder. Neem contact op met Jorrit Morra, jurist ondernemingsrecht, via telefoonnummer 0165-531323 of stuur Jorrit een e-mail.

Wilt u meer weten over dit onderwerp? Onze jurist helpt u graag verder!

E-mail Jorrit
portretfoto Jorrit Morra
Jurist ondernemingsrecht
Bel
013-4647180