Nieuwe regels voor werken met oproepkrachten

23 mei 2022
Artikel

Op 1 augustus 2022 treedt de wet Implementatie EU-richtlijn transparante en voorspelbare arbeidsvoorwaarden in werking. Deze wet heeft directe gevolgen voor werkgevers. De wet bevat namelijk nieuwe regels voor onder meer het studiekostenbeding, het nevenwerkzaamhedenbeding en de informatieplicht van de werkgever (met name bij oproepkrachten).

Portretfoto van Richard Ouwerling
Neem contact op met:
Richard Ouwerling Jurist arbeidsrecht
Twee mensen op kantoor met elkaar in gesprek.

Uitbreiding informatieplicht

De nieuwe wet breidt de informatieplicht van de werkgever verder uit. Dit betekent onder meer dat de werkgever de werknemer binnen één week na de start van de arbeidsovereenkomst schriftelijk moet informeren over:

  • de gebruikelijke werkplek;
  • de salariscomponenten;
  • de wijze en het tijdstip van uitbetaling van het salaris;
  • de normale werk- en rusttijden.

Daarnaast moet de werkgever de werknemer binnen een maand na aanvang van de arbeidsovereenkomst schriftelijk informeren over:

  • de duur van verschillende vormen van betaald verlof, zoals ouderschapsverlof en verhuisverlof;
  • het scholingsbeleid;
  • de toepasselijke procedures bij eventueel ontslag, waaronder ook de opzegtermijnen.

Deze informatie kan de werkgever opnemen in de arbeidsovereenkomst, arbeidsvoorwaardenregeling en/of het personeelshandboek.

Oproepkracht en referentiedagen en -uren

Het wetsvoorstel maakt onderscheid tussen voorspelbare en onvoorspelbare arbeid. Dit laatste geldt uiteraard voor de oproepkracht. Zijn de tijdstippen waarop de arbeid moet worden verricht geheel of grotendeels onvoorspelbaar? Dan mag de werknemer de arbeid weigeren als deze valt buiten de overeengekomen referentiedagen en referentie-uren.

Vanaf 1 augustus 2022 moeten werkgevers dus voor de oproepkracht vastleggen op welke dagen of in welke tijdvakken een werknemer kan worden opgeroepen. Dat zijn de referentiedagen en -uren. Gedurende die referentie-uren kan een werknemer verplicht worden om aan de oproep gehoor te geven. Zijn er geen referentie-uren vastgelegd? Dan mag de oproepkracht de oproep weigeren. Aan deze weigering mogen geen negatieve gevolgen worden verbonden voor de werknemer, aldus het wetsvoorstel.

Verzoek tot voorspelbare arbeid

Verder kan een oproepkracht na 26 weken een verzoek indienen voor voorspelbare arbeid. Werkgevers hoeven daarmee niet in te stemmen en de arbeid moet beschikbaar zijn. Wel moeten werkgevers binnen één maand (of binnen drie maanden voor kleine werkgevers) reageren op het verzoek met een schriftelijke motivering. Doen zij dit niet, dan moet het verzoek van de werknemer worden ingewilligd.

Het bovenstaande geldt voor alle overeenkomsten met onvoorspelbare roosters, dus ook voor bijvoorbeeld uitzendkrachten.

Directe werking

De bovenstaande wijzigingen hebben directe werking. Het wetsvoorstel heeft grote gevolgen voor de praktijk. Werkgevers moeten hier alert op zijn en hun (model)arbeidsovereenkomsten aanpassen op de toekomstige regelgeving.

Meer informatie of advies?

Wilt u meer informatie of advies over het werken met oproepkrachten? Neem contact op met Richard Ouwerling, jurist arbeidsrecht, via telefoonnummer 013-4647180 of stuur Richard een e-mail.

Wilt u meer weten over dit onderwerp? Onze jurist helpt u graag verder!

E-mail Richard