Hoofdlijnen politiek akkoord GLB 2023–2027

24 september 2021
Artikel

Het politieke akkoord over het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) 2023-2027 is een belangrijke stap in de richting van een concrete invulling van het nieuwe GLB. We zetten de hoofdlijnen voor u op een rij.

Portretfoto van Wim Dirks
Neem contact op met:
Wim Dirks Agrarisch bedrijfsadviseur
Hoofdlijnen politiek akkoord GLB 2023–2027

 

In het akkoord  staan afspraken over de verdeling van het budget voor rechtstreekse betalingen (Pijler I) en de (nieuwe) basisvoorwaarden voor het ontvangen van de basispremie, die naar onze schatting ongeveer € 235 per hectare zal bedragen. Met de (vrijwillige) ecoregeling kunt u een extra vergoeding ontvangen van, naar schatting, maximaal € 130 per hectare. De betaling uit de ecoregeling is geen inkomensondersteuning, maar een vergoeding voor het uitvoeren van bepaalde (maatschappelijke) diensten.

GLB 2023-2027

Het nieuwe GLB heeft, door de vertraging in de besluitvorming, een looptijd van vijf jaar (2023-2027). Diverse juridische en technische details moeten nog worden uitgewerkt en verschillende EU-verordeningen worden dit najaar definitief gemaakt. Vervolgens volgt er een definitief besluit.

Nationaal Strategisch Plan

Veel beleidskeuzes worden overgelaten aan de afzonderlijke lidstaten. De financiële keuzes die een lidstaat maakt, moeten in een Nationaal Strategisch Plan (NSP) worden vastgelegd. Uiterlijk op 1 januari 2022 moeten de lidstaten het NSP indienen bij de Europese Commissie (EC). Die beoordeelt het plan en keurt dit, eventueel na aanpassingen, uiterlijk eind 2022 goed. De verwachting is dat het NSP dit najaar aan de Tweede Kamer wordt aangeboden.

GLB-budget

Het GLB-budget is gesplitst in twee onderdelen:

  • rechtstreekse betalingen (Pijler I);
  • plattelandsontwikkeling (Pijler II).

Voor de rechtstreekse betalingen (Pijler I) krijgt Nederland vanaf 2023 beschikking over een budget van € 717 miljoen per jaar. Hierover vindt geen indexatie plaats.

Onderdelen rechtstreekse betalingen

De rechtstreekse betalingen gaan vanaf 2023 bestaan uit de volgende onderdelen:

  • basispremie;
  • ecoregeling;
  • steun jonge landbouwers;
  • gekoppelde inkomenssteun.

Mogelijke verdeling budget rechtstreekse betalingen

Het budget voor rechtstreekse betalingen wordt verdeeld over de verschillende onderdelen. Hierbij is het budget voor de basispremie (basisinkomenssteun) het deel dat niet wordt gebruikt voor de andere onderdelen. Iedere lidstaat kan hierin, binnen bepaalde grenzen, keuzes maken. Nederland heeft deze keuzes nog niet gemaakt. In tabel 1 staat een mogelijke verdeling van de budgetten. Hierin is, op basis van de Europese voorwaarden, de wensen van Nederland en ervaringen vanuit het verleden, een inschatting gemaakt van de keuzes die Nederland zou kunnen maken.

Tabel 1. Mogelijke verdeling Nederlands budget rechtstreekse betalingen 2023-2027 (in mln euro)

Rechtstreekse betalingen

Keuze-

Inschatting

Jaarlijks budget

 

mogelijkheid

‎keuze % NL

2021-2027 (mln. €)

Totaalbudget Nederland

 

 

717

- Overheveling pijler II

Max. 42%

15%

108

Budget na overheveling

 

 

609

 

 

 

 

Onderdelen pijler 1:

 

 

 

- Ecoregeling *

Min. 25%

25%

152

- Jonge landbouwers

Min. 3%

3%

22

- Gekoppelde steun

Max. 12%

1,5%

11

- Nationale reserve

Geen min/max

1,5%

11

- Sectorale steun groenten & fruit

Max. 3%

-

-

Basisinkomenssteun

 

 

413

* percentage van budget NA overheveling naar Pijler II

   

 

Overheveling budget

Op dit moment is ongeveer 8% van het budget van Pijler I overgeheveld naar Pijler II. Volgens LNV zal dit percentage vanaf 2023 substantieel hoger zijn, vanwege alle wensen en ambities in Pijler II. De overheveling kan echter niet te groot zijn, omdat er voldoende budget moet overblijven voor de basispremie en de ecoregeling. De inschatting is dat de overheveling ongeveer 15% zal bedragen, net als in 2022. Mogelijk kiest Nederland ervoor om de overheveling in het eerste jaar beperkt te houden en in latere jaren verder op te bouwen.

Jonge landbouwers

De steun voor jonge landbouwers lijkt binnen het nieuwe GLB vergelijkbaar te worden met de huidige ‘toeslag jonge landbouwers’ (Pijler I) en de subsidie ‘jonge landbouwers’ (Pijler II). Wellicht zet Nederland een wat groter percentage van het budget in voor deze steun.

Gekoppelde steun

Binnen de rechtstreekse betalingen komen er ook vanaf 2023 weer mogelijkheden voor gekoppelde steun. Voor de huidige periode paste Nederland dit alleen toe in de vorm van een graasdierenpremie voor runderen en schapen. Op dit moment is niet bekend of Nederland hier ook in de nieuwe GLB-periode voor kiest. De verwachting is dat de graasdierpremie op vergelijkbare voet doorloopt (circa 0,5%) en dat er daarnaast een steun aan eiwitgewassen ingevoerd wordt (1%).

Hoogte basispremie

Bij het ingaan van het GLB 2023-2027 komen de betalingsrechten te vervallen. De basispremie kan worden aangevraagd op basis van subsidiabele hectares. Naar verwachting zal voor circa 1,75 miljoen hectare basispremie worden aangevraagd. De hoogte van de basispremie per hectare wordt bepaald op basis van het budget voor basisinkomenssteun en het aantal subsidiabele hectares. Omgerekend betekent dit dat de basispremie circa € 235 per hectare zal gaan bedragen. Afhankelijk van de keuzes kan dit uiteraard nog veranderen.

Herverdeling

Iedere lidstaat moet minimaal 10% van het budget voor rechtstreekse betalingen herverdelen van grotere naar kleinere bedrijven. De verwachting is dat de herverdeling in Nederland zeer beperkt van toepassing zal zijn.

Ecoregeling

Nederland kan ervoor kiezen om een groter deel van het budget te besteden aan de ecoregeling, maar daardoor wordt de basispremie lager. Voor deze politieke keuze zal onder andere gekeken worden naar de keuzes die andere lidstaten maken (gelijk speelveld). De verwachting is dat, zeker de eerste jaren, het percentage om en nabij de 25% zal liggen.

Premie per hectare

Deelname aan de ecoregeling is een vrijwillige keuze. Als ieder bedrijf hieraan deelneemt, zal het bedrag per hectare circa € 90 per hectare bedragen. Het ministerie van LNV gaf eerder de indicatie dat circa 70% van de bedrijven zal deelnemen. Als dat klopt, zal het bedrag per hectare, afhankelijk van de genomen maatregelen op bedrijfsniveau, tussen de € 110 en € 130 liggen.

Geen inkomensondersteuning

De betaling vanuit de ecoregeling kan een bedrijf alleen ontvangen als maatregelen worden genomen die invulling geven aan bepaalde (maatschappelijke) doelen en diensten. Daarmee is deze betaling een vergoeding voor het uitvoeren van bepaalde (maatschappelijke) diensten en geen inkomenssteun, zoals de basispremie.

Basissteun fors lager

De inschatting is dat de basispremie op circa € 235 per hectare komt te liggen. Om dit bedrag te kunnen ontvangen, moet u voldoen aan de basisvoorwaarden (conditionaliteit). In deze basisvoorwaarden zijn ook voorwaarden opgenomen die onder de huidige vergroeningseisen vallen. Er gaan echter méér eisen gelden, die soms ook ‘strenger’ van opzet zijn, waardoor de impact op een bedrijf vaak groter is.

In 2020 was de basis- én vergroeningspremie circa € 370 per hectare. Dit betekent dat de basissteun in het nieuwe GLB fors lager wordt, terwijl u meer inspanningen moet leveren. Wel kunnen bedrijven ook steun ontvangen via de ‘ecoregeling’, maar hiervoor moeten zij extra maatregelen nemen.

Meer informatie of advies?

Wilt u meer informatie over de GLB of advies over de maatregelen die u met uw bedrijf kunt nemen? Neem contact op met Wim Dirks, bedrijfsadviseur, via telefoonnummer 040-2942773 of stuur Wim een e-mail.

Wilt u meer weten over dit onderwerp? Onze specialist helpt u graag verder!

E-mail Wim
Volg ABAB op Facebook

Volg ABAB op Facebook

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws via onze Facebookpagina
Volg ons nu