Hoge Raad verlaagt belasting op spaargeld

13 januari 2022
Artikel

De Hoge Raad besliste de Hoge Raad dat het systeem van belastingheffing over vermogensinkomsten (box 3) zoals dat vanaf 2017 geldt, in strijd is met internationale verdragen.

Portretfoto van Robert Gall
Neem contact op met:
Robert Gall Senior belastingadviseur
Hoge Raad verlaagt belasting op spaargeld

Onze hoogste rechter is van oordeel dat als het werkelijk behaalde rendement op vermogen in box 3 lager is dan het forfaitair bepaalde rendement - zoals de wet voorschrijft - de belasting over het lagere, werkelijke rendement moet worden berekend. Dit is vooral aan de orde bij mensen met een vermogen dat voor een groot deel bestaat uit spaargeld. Hiermee zet de rechter feitelijk de wet aan de kant.

Vermogensmix

Voor de jaren tot en met 2016 besliste de Hoge Raad in een eerdere reeks uitspraken steeds dat de belastingheffing in box 3 weliswaar onredelijk kan uitpakken, maar dat het aan de wetgever is om dit op te lossen. De rechter greep dus niet zelf in. Sinds 2017 is de situatie echter gewijzigd: vanaf dat jaar geldt niet alleen dat de vermogensinkomsten forfaitair worden bepaald, maar is ook de manier van het beleggen van vermogen op een fictie gebaseerd. Dit is in strijd met internationale verdragen. De rechtvaardigingsgronden die het ministerie van Financiën hiervoor aandraagt (gemakkelijke uitvoerbaarheid van de regeling en het op peil houden van de belastingopbrengsten), zijn volgens de Hoge Raad onvoldoende. Omdat de wetgever al jarenlang verzuimt om de heffing in box 3 aan te passen, grijpt de Hoge Raad nu zelf in: de belasting in box 3 moet worden berekend over het werkelijk behaalde rendement over het totale vermogen in box 3 als dat lager is dan het forfaitair bepaalde rendement.

Spaargelden

Het hangt af van de rendementen die u in box 3 behaalt, of de uitspraak van de Hoge Raad ook voor u tot een lagere belastingaanslag leidt. Heeft u relatief veel spaargeld (met een lage of geen rente) in box 3? Dan is er een reële kans dat uw aanslag te hoog is. Bestaat uw belegd vermogen voor een groot deel uit effecten of onroerende zaken met een goed rendement? Dan is er op basis van de uitspraak van de Hoge Raad minder snel reden voor een verlaging van de belasting in box 3. Is uw vermogen in box 3 lager dan de vrijstelling (in 2022 € 50.650 per persoon en € 101.300 voor fiscale partners gezamenlijk)? Dan betaalt u geen box 3-belasting en is er dus geen reden om deze belasting te verlagen. In dat geval heeft de uitspraak van de Hoge Raad geen invloed op uw situatie.

Nog veel onduidelijkheid

Het oordeel van de Hoge Raad laat een aantal belangrijke vragen onbeantwoord. Zo is nog niet duidelijk hoe het werkelijke rendement bepaald moet worden: moeten waardestijgingen ook meegenomen worden? Welke kosten mogen in mindering worden gebracht op de behaalde rendementen? Hoe om te gaan met schulden in box 3? Kortom, het is op dit moment lastig om in te schatten wat de exacte gevolgen zijn van het oordeel van de Hoge Raad. Het is voor de fiscale praktijk wenselijk als het Ministerie van Financiën hiervoor op korte termijn met richtlijnen komt, die ook aanvaardbaar zijn voor belastingbetalers.

Welke actie moet u ondernemen?

Staat uw aanslag inkomstenbelasting nog niet definitief vast? En verwacht u dat het werkelijke rendement op uw vermogen in box 3 duidelijk lager is dan het forfaitaire rendement? Dien dan zo snel mogelijk een bezwaarschrift ter behoud van rechten in; een pro forma bezwaarschrift. Verwacht u dat dit voor u zinvol is? Neem dan zo snel mogelijk contact op met uw contactpersoon bij ABAB.

Meer weten?

Wilt u meer weten over belastingheffing over spaargeld? Neem contact op met Robert Gall, senior belastingadviseur, via e-mail.

Wilt u meer weten over dit onderwerp? Onze specialist helpt u graag verder!

E-mail Robert
Aanmelden e-mailnieuwsbrief

Aanmelden nieuwsbrief

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws en ontwikkelingen via onze maandelijkse e-mailnieuwsbrief
Meld u direct aan