Hoge Raad geeft invulling aan begrip kredietarrangement

13 mei 2019
Wet- en regelgeving

Onlangs heeft de Hoge Raad geoordeeld dat het Hof een te beperkte uitleg geeft aan het begrip kredietarrangement uit het zogenaamde Paraplukrediet-arrest. In die zaak oordeelde de Hoge Raad dat als binnen een concern een bv een aansprakelijkheid aanvaardt die groter is dan wanneer een vennootschap zelfstandig vreemd vermogen aantrekt, de risico’s in de aandeelhouderssfeer liggen. Het aanvaarden van deze aansprakelijkheid berust alleen op de groepsrelatie tussen de vennootschappen. Een eventueel verlies na een garantstelling van het concernkrediet is dan fiscaal niet aftrekbaar. In de volgende casus gaat de Hoge Raad hier dieper op in.

Portretfoto van Robert Gall
Geschreven door:
Robert Gall Senior belastingadviseur
stapel munten

De casus

Via hun persoonlijke holdings houden A en B alle aandelen in verschillende vennootschappen. Het concern sluit een rentecompensatie- en saldoverrekeningsovereenkomst bij een bank. Deze overeenkomst bevat een gemeenschappelijke kredietfaciliteit waarvoor alle concernvennootschappen hoofdelijk aansprakelijk zijn (cash pooling). Een aantal vennootschappen wordt vervolgens verkocht. De bank vordert enige tijd later de (verkochte) groepsvennootschappen om hun negatieve saldo bij de bank aan te vullen. Dit gebeurt niet en daarom boekt de bank het geld af van de rekening van de persoonlijke holding. De holding brengt dit bedrag in mindering op haar fiscale winst. De inspecteur weigert deze aftrek en corrigeert de winst.

Hofuitspraak

Volgens het Hof is er in deze zaak geen sprake van een kredietarrangement zoals bedoeld in het Paraplukrediet-arrest. Een kredietarrangement moet daarvoor namelijk voldoen aan drie criteria. Aan één van deze drie criteria wordt in deze zaak volgens het hof niet voldaan, namelijk de voorwaarde dat sprake is van een vennootschap die deelneemt aan een kredietarrangement waarin tevens wordt deelgenomen door andere vennootschappen van het concern. Van belang voor het Hof is daarbij dat de hoogte van de kredieten op grond van de overeenkomst beperkt is tot het totaalbedrag van de aan de bank verpande creditsaldo’s. Daarnaast heeft de inspecteur verder volgens het Hof niet aannemelijk gemaakt dat de overeenkomst vanwege aandeelhoudersmotieven is aangegaan. Er is dus in de visie van het Hof niet onzakelijk gehandeld. De holding mag het bedrag daarom van haar winst aftrekken.

Hoge Raad

De staatssecretaris van Financiën is van mening dat wel wordt voldaan aan alle criteria van het Paraplukrediet-arrest en gaat in cassatie. De Hoge Raad geeft een nadere invulling van het begrip kredietarrangement. Volgens de Hoge Raad wordt al voldaan aan de criteria van het Paraplukrediet-arrest als afzonderlijke, aan het arrangement deelnemende concernvennootschappen door het arrangement in staat worden gesteld krediet op te nemen bij een niet tot het concern behorende schuldeiser. De concernvennootschappen lopen dan namelijk al een risico om het groepsbelang te dienen. Zij aanvaarden dan een aansprakelijkheid die groter is dan de aansprakelijkheid die bij het zelfstandig aantrekken van vreemd vermogen zou bestaan. 
Deze casus voldoet volgens de Hoge Raad dus wel degelijk aan de criteria van het Paraplukrediet-arrest. Het bedrag mag bij de persoonlijke holding niet ten laste van de winst worden gebracht.

Vraag advies over de fiscale gevolgen

Bent u van plan om een zogenaamd paraplukrediet bij een bank aan te gaan vragen? Overleg dan met uw ABAB-belastingadviseur over de fiscale gevolgen daarvan.
 

Wilt u meer weten over dit onderwerp? Onze specialist helpt u graag verder!

E-mail Robert
Aanmelden e-mailnieuwsbrief

Aanmelden nieuwsbrief

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws en ontwikkelingen via onze maandelijkse e-mailnieuwsbrief
Meld u direct aan